Door naar volgend hoofdstuk

3.1 De onderbouwing van het RVP en recente wijzigingen van het programma

De minister van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) beslist over de samenstelling van het RVP Rijksvaccinatieprogramma (Rijksvaccinatieprogramma), daartoe geadviseerd door de Gezondheidsraad. De Gezondheidsraad komt tot haar advies op basis van beoordeling naar de stand van de wetenschap en gegevens over het voorkomen van de doelziekte in Nederland.

Per 1 januari 2024 hanteert de GR een herzien beoordelingskader voor vaccinaties in vaccinatieprogramma's, zoals het RVP (Gezondheidsraad december 2023). Aanleiding hiervoor was de constatering van de GR dat de tot dan toe gehanteerde criteria uit 2013 inmiddels ontoereikend zijn geworden voor de vaccins die momenteel en waarschijnlijk in de komende jaren tot de markt worden toegelaten.

Het herziene kader omvat vijf beoordelingscriteria waaraan voldaan moet worden om positief over vaccinatie te kunnen adviseren. Naast deze beoordelingscriteria zijn er onderwerpen die verband houden met de vaccinaties en die meegewogen moeten worden in het uiteindelijke advies. De beoordelingscriteria en deze additionele overwegingen en aandachtspunten vormen tezamen het herziene beoordelingskader voor vaccinaties.

De vijf beoordelingscriteria zijn:

  1. Ernst en omvang van de ziekte
    De infectieziekte leidt tot een aanmerkelijke ziektelast: de infectieziekte is ernstig voor individuen, en/of de infectieziekte treft (potentieel) een omvangrijke groep.
  2. Doel van de vaccinatie
    Voor de vaccinatie wordt een (of meerdere) doel(en) gedefinieerd. Voorbeelden van doelen zijn het verminderen van de ziektelast, het uitbannen van een ziekte (eradicatie of eliminatie), groepsbescherming in stand houden, indirecte bescherming van risicogroepen, of vaccinatie vanwege maatschappelijk belang, zoals voorkomen van de ontwrichting van de zorg of maatschappij. Ook alternatieven voor vaccinatie, zoals immunisatie of hygiënemaatregelen, worden overwogen.
  3. Effectiviteit van de vaccinatie
    Het vaccin is effectief in het voorkomen van ziekte of reduceren van symptomen.
  4. Veiligheid van de vaccinatie
    Eventuele nadelige gezondheidseffecten van de vaccinatie (bijwerkingen) doen geen belangrijke afbreuk aan de gezondheidswinst.
  5. Aanvaardbaarheid van de vaccinatie
    De last die een individu ondervindt door de afzonderlijke vaccinatie en door het totale vaccinatieprogramma staat in een redelijke verhouding tot de gezondheidswinst voor de persoon zelf en de bevolking als geheel.

De additionele overwegingen en aandachtspunten zijn:

  • Kosteneffectiviteit
    De Gezondheidsraad beschrijft de beschikbare kosteneffectiviteitsanalyses en gebruikt die, indien van toepassing, bij de afweging van verschillende vaccins en vaccinatieschema's.
  • Uitvoering
    De Gezondheidsraad adviseert soms over de uitvoering of onderdelen daarvan, bijvoorbeeld op medisch-inhoudelijke gronden of vanwege specifieke vaccineigenschappen of moeilijk te identificeren doelgroepen.
  • Deelname en draagvlak
    De Gezondheidsraad streeft ernaar in haar advisering inzicht te verschaffen in draagvlak voor en verwachte deelname aan nieuw in te voeren vaccinaties. Waar nodig kan in de advisering worden ingegaan op de inzet van opkomst verhogende interventies.
  • Vaccinatie naast bestaande programma's
    Wanneer wordt geadviseerd om een vaccinatie niet via een publiek programma aan te bieden, kan vaccinatie wel aangewezen zijn voor specifieke doelgroepen of individuen. De Gezondheidsraad beschrijft zo goed mogelijk wanneer dit aan de orde is en om welke groepen het dan zou kunnen gaan.
  • Vaccinatieaanbod in het buitenland
    De Gezondheidsraad presenteert doorgaans een overzicht van de inzet van de vaccinatie in het buitenland. Waar mogelijk en relevant, brengt de Gezondheidsraad de verschillen tussen landen in beeld om duiding te geven aan de overwegingen in Nederland en in buurlanden.
  • Vervolgadvisering
    Er kunnen redenen zijn om een advies te heroverwegen, bijvoorbeeld veranderingen in het aantal ziektegevallen, de beschikbaarheid van nieuwe vaccins of nieuwe wetenschappelijke inzichten over vaccins of vaccinaties. De Gezondheidsraad geeft aan of dat speelt, om welke vaccinatie het gaat en, indien mogelijk, op welke termijn het advies wordt aangepast.

3.2 Adviezen van de Gezondheidsraad sinds 2007

Hieronder staan de adviezen van de Gezondheidsraad vermeld die sinds 2007 de onderbouwing voor het RVP Rijksvaccinatieprogramma (Rijksvaccinatieprogramma) vormen en geleid hebben tot aanpassingen van het RVP. Ook andere besluiten met invloed op het RVP worden beschreven.

2007

Het advies van de Gezondheidsraad was in 2007 om de vaccinaties tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio, invasieve infecties met Haemophilus influenzae type b, bof, mazelen, rodehond (rubella), invasieve ziekte door meningokokken C en invasieve ziekte door pneumokokken bij kinderen, hepatitis B-vaccinatie voor kinderen van dragers en kinderen van ouders uit risicolanden te handhaven (Gezondheidsraad 2007).

2008

Aan de hand van zeven criteria adviseerde de Gezondheidsraad in 2008 vaccinatie tegen humaan papillomavirus (HPV) te introduceren voor meisjes op de leeftijd van 12 jaar (Gezondheidsraad 2008).

2009

In 2009 adviseerde de Gezondheidsraad vaccinatie van alle zuigelingen tegen hepatitis B, waarmee het apart vaccineren van kinderen van ouders uit risicolanden kwam te vervallen (Gezondheidsraad 2009).

2010

Door het op de markt komen van twee nieuwe pneumokokkenvaccins (PCV10 en PCV13) en het verdwijnen van het vaccin dat in het RVP gebruikt werd (PCV7), bracht de Gezondheidsraad in 2010 een advies uit over de keuze van het pneumokokkenvaccin (Gezondheidsraad 2010). De conclusie was dat met beide vaccins een goede bestrijding van pneumokokkenziekte via het RVP mogelijk was.

2013

In 2013 bracht de Gezondheidsraad opnieuw advies uit over de pneumokokkenvaccinatie (Spijkerman 2013, Gezondheidsraad 2013). Uit onderzoek was gebleken dat bij een hoge vaccinatiegraad en de inmiddels in Nederland opgebouwde groepsbescherming een serie van 3 in plaats van 4 vaccinaties goede bescherming biedt tegen pneumokokkenziekte.

2014

In 2014 is de bijsluitertekst van het HPV Humaan Papillomavirus (Humaan Papillomavirus)-vaccin (Cervarix) gewijzigd: als een meisje voor de 15e verjaardag de eerste vaccinatie krijgt, zijn twee vaccinaties voldoende (Puthanakit 2013, Romanowski 2013).

2015

Eind 2015 heeft de Gezondheidsraad het dossier uitgebracht 'Vaccinatie tegen kinkhoest: doel en strategie'. Bij het inentingsbeleid, met de eerste prik rond de leeftijd van twee maanden, blijven de allerjongsten onbeschermd tegen kinkhoest. Tegelijkertijd zijn zij het meest kwetsbaar voor de ziekte en kunnen zij er zelfs aan sterven.

De Gezondheidsraad vindt dat effectieve en veilige aanvullende bescherming kan komen van antistoffen via de moeder en adviseert dan ook om zwangeren tijdens de zwangerschap tegen kinkhoest te vaccineren.

2018

In 2018 is gestart met de MenACWY-vaccinatie. Dit betrof een maatregel om een uitbraak te bestrijden en is daarom niet via de gebruikelijke route van een Gezondheidsraadadvies gegaan, maar op advies van een deskundigenberaad. De maatregel was daarom ook formeel geen onderdeel van het RVP.

Eind 2018 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over opname van de MenACWY-vaccinatie in het RVP in 2020.

Eind 2018 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over het vaccinatieschema van zuigelingen na maternale kinkhoestvaccinatie. Als een moeder tijdens de zwangerschap gevaccineerd is, is haar kind vanaf de geboorte ook beschermd. Daardoor kan de eerste vaccinatie worden uitgesteld en het aantal doses in de primaire serie worden verminderd van 3 naar 2.

2019

In 2019 heeft de Gezondheidsraad geadviseerd om ook jongens te vaccineren tegen HPV, omdat infectie met het virus kan leiden tot verschillende vormen van kanker bij jongens en meisjes. Daarnaast is een vaccinatie het meest effectief als het op jonge leeftijd wordt toegediend. Vanaf 2022 wordt de vaccinatie zowel aan jongens als aan meisjes aangeboden in het jaar dat ze 10 worden.

2020

In oktober 2020 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over vaccinatie tegen waterpokken. In Europees Nederland is de ziektelast van waterpokken laag. Vrijwel alle kinderen krijgen voor ze 5 jaar oud zijn waterpokken en de infectie verloopt in verreweg de meeste gevallen zonder complicaties. In Caribisch Nederland is de ziektelast wel hoog genoeg om vaccinatie te overwegen. Omdat vaccinatie effectief en voldoende veilig is, adviseert de commissie deze op te nemen in het RVP op de BES-eilanden.

2021

In juni heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over vaccinatie tegen rotavirus. De ziektelast door rotavirusinfecties geeft voldoende aanleiding om vaccinatie te overwegen. Universele vaccinatie tegen rotavirus is effectief en leidt tot groepsbescherming. Bij vaccinatie van alleen risicogroepen is de effectiviteit minder duidelijk. Het risico op een darminvaginatie na rotavirusvaccinatie is uiterst klein. Sinds 2024 wordt de vaccinatie in het RVP aangeboden aan zuigelingen geboren vanaf 01-01-2024.

2022

In augustus 2022 heeft de Gezondheidsraad geadviseerd om bij vaccinatie tegen HPV van mensen van 15 jaar en ouder over te gaan van 3 naar 2 doses. Het effect van vaccinatie met 2 in plaats van 3 doses is voldoende robuust en overtuigend. Voor jongeren tot 15 jaar blijft het aantal doses ongewijzigd: voor deze groep wordt geadviseerd om vast te houden aan 2 doses.

In september 2022 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over de optimalisatie van het schema van het Rijksvaccinatieprogramma. De commissie adviseert alle vaccinaties in het RVP te behouden. Daarnaast adviseert ze voor een aantal vaccinaties het moment waarop ze worden gegeven te verschuiven. Daarmee is een optimale bescherming beter gegarandeerd. De schemawijzigingen zijn ingegaan per 2025. Voor de actuele implementatie in het RVP zie hoofdstuk 7 voor de tijdstippen en hoofdstuk 10 voor inhaalschema's.

2023

De Gezondheidsraad heeft in juni geadviseerd om kinderen PCV13 of PCV15 te geven. PCV13 en het PCV15 kunnen bescherming bieden tegen een groot deel van de pneumokokkentypen die momenteel de meeste ziektegevallen veroorzaken.

2024

In februari 2024 heeft de Gezondheidsraad geadviseerd immunisatie tegen het respiratoir syncytieel virus (RSV) toe te voegen aan het Rijksvaccinatieprogramma, voor baby's in hun eerste levensjaar. Vanaf september 2025 wordt deze immunisatie aangeboden vanuit het RVP.

2025

In oktober 2025 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over HPV-vaccinatie.  De Gezondheidsraad concludeert in dit advies dat HPV-vaccinatie zeer effectief is in het voorkomen van HPV-infecties, baarmoederhalskanker en voorstadia daarvan. Om de effectiviteit nog verder te vergroten, adviseert de raad voortaan te vaccineren met het 9-valente vaccin. Dit vaccin beschermt even goed tegen HPV-typen 16 en 18 als het 2-valente vaccin dat momenteel wordt gebruikt, maar het beschermt ook tegen 7 andere typen HPV die kanker en andere aandoeningen, zoals genitale wratten, kunnen veroorzaken. De raad adviseert om voor vaccinatie met het 9-valente vaccin het huidige schema van 2 doses aan te houden. Deze wijziging zal naar verwachting in de loop van 2026 worden doorgevoerd in het RVP. 

3.3 Historisch overzicht RVP per vaccinsoort

Tabel 3a. Historisch overzicht DKTP Difterie, Kinkhoest, Tetanus en Poliomyelitis (Difterie, Kinkhoest, Tetanus en Poliomyelitis)- en Hib-vaccinatie en universele vaccinatie HepB
jaarwijziging RVP Rijksvaccinatieprogramma (Rijksvaccinatieprogramma)-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
1957start RVP voor alle kinderen t/m 13 jaar Difterie (D) Kinkhoest (K) Tetanus (T) Polio (P)DwKT en IPV (los vaccin)bij 3, 4, 5 en 11 mnd en inhaalmogelijkheid bij 4 jaar en 9 jaar
1962DKTP en P in combinatievaccinDwKTP 
1965DTP Difterie, Tetanus en Poliomyelitis (Difterie, Tetanus en Poliomyelitis)-boostervaccinatiesDTPbij 4 jaar en 9 jaar
1993Haemophilus Influenzae type b (Hib)Hib (los vaccin)

bij 3, 4, 5 en 11 mdn

tegelijk met DKTP vanaf 01-04-1993

1999vervroeging startleeftijd DKTP en HibDwKTP en Hib (los vaccin)bij 2, 3, 4 en 11 mnd vanaf cohort 1999
2001K-boostervaccinatie bij 4 jaaraK-vaccin (los vaccin)bij 4 jaar tegelijk met DTP vanaf cohort 1998
2003DKTP en Hib in combinatievaccinDwKTP-Hibvanaf cohort 2003
2005vervanging whole-cell K-component door acellulair K-componentDaKTP-Hibvanaf cohort 2005
2006DKTP-boostervaccinatie bij 4 jaar combinatievaccinDaKTPbij 4 jaar
2011HepB voor alle kinderen in combinatievaccin met DaKTP en HibDaKTP-Hib-HepBbij 2, 3, 4 en 11 mnd vanaf 01-08-2011
2012advies eerste vaccinaties zo vroeg mogelijk te geven (6-9 weken) i.v.m. kinkhoestDaKTP-Hib-HepBbij 2 mnd
2020kinkhoestvaccinatie tijdens de zwangerschapDKT Difterie Kinkhoest en Tetanus (Difterie Kinkhoest en Tetanus)vanaf 22 weken zwangerschap, vanaf 16-12-2019
2020

na maternale K-vaccinatie een vaccinatie minder voor de zuigeling (onder voorwaarden)

vaccinatiemoment van 4 mnd naar 5 mnd

DaKTP-Hib-HepB

standaardschema: bij 3, 5 en 11 mnd

aangepast schema: bij 2, 3, 5 en 11 mnd vanaf 01-01-2020

2024vaccinatiemoment van 1e revaccinatie van 11 maanden naar 12 maandenDaKTP-Hib-HepB

standaardschema: bij 3, 5 en 12 mnd, vanaf geboortecohort 2024

aangepast schema: bij 2, 3, 5 en 12 mnd, vanaf geboortecohort 2024

2024DKTP-booster bij 4 jaar wordt een DKT-booster tussen 5e en 6e verjaardagDKT-boostervanaf cohort 2021: op 5-jarige leeftijd een DKT-booster (2026)

(inhalers uit eerdere cohorten konden in 2025 nog een DKTP-booster krijgen)
2025DTP-booster van 9 jaar naar 14 jaarDTP-booster

vanaf cohort 2016: op 14-jarige leeftijd een DTP-booster (2030)

(inhalers uit cohorten 2015 of eerder kunnen tot 2030 wel een DTP-booster krijgen)

 

Tabel 3b. Historisch overzicht hepatitis B-vaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
1989HepB voor risicokinderen: kinderen van hepatitis B-dragersHepB (+ HepB-Ig bij geboorte)bij 3, 4, 5 en 11 mnd (in Amsterdam bij 0, 1 en 6 mnd), vanaf cohort 1989
2003wijziging schema bij 2, 4 en 11 mnd (in Amsterdam bij 0, 1 en 6 mnd)
2003HepB ook voor kinderen van ouders uit endemische landen  
2006combinatievaccin met DaKTP en HibDaKTP-Hib-HepBbij 2, 3, 4 en 11 mnd, vanaf 01-04-2006 (in Amsterdam bij 0, 1 en 6 mnd tot okt 2010)
2006HepB-0 voor kinderen van HepB-dragersHepB (+ HepB-Ig)binnen 48 uur na geboorte
2008HepB voor kinderen met trisomie 21DaKTP-Hib-HepBbij 2, 3, 4 en 11 mnd heel NL
2011HepB voor alle kinderen (zie DKTP, Hib en universele vaccinatie HepB 2011)DaKTP-Hib-HepBbij 2, 3, 4 en 11 mnd, vanaf cohort 01-08-2011 (heel NL)
2020twee schema's naar aanleiding van implementatie maternale K-vaccinatieDaKTP-Hib-HepB

standaardschema: bij 3, 5 en 11 mnd

aangepast schema: bij 2, 3, 5 en 11 mnd

bij start vaccinatie vanaf 01-01-2020

2024vaccinatiemoment van de revaccinatie van 11 naar 12 maandenDaKTP-Hib-HepB

standaardschema: bij 3, 5 en 12 mnd

aangepast schema: bij 2, 3, 5 en 12 mnd, vanaf cohort 2024

 

Tabel 3c. Historisch overzicht vaccinatie bof, mazelen en rodehond
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
1974Rodehond (R) voor meisjeslos rubellavaccinvaccinatie meisjes 11 jaar, vanaf cohort 1963
1976Mazelen (M)los mazelenvaccinbij 14 mnd, vanaf cohort 1975
1987Bof (B)
BMR Bof, Mazelen en rodehond (Bof, Mazelen en rodehond) (voor jongens en meisjes)
BMR-combinatievaccinbij 14 mnd, vanaf cohort 1983 en bij 9 jaar, vanaf cohort 1978
2025BMR2 van 9 jaar naar 3 jaar (spreiding 2,5-3,5 jaar)BMR-combinatievaccinvanaf cohort 2022 (cohorten 2016 t/m 2021 volgens inhaalschema)
 

Wie hebben mazelen- en/of BMR-vaccinaties aangeboden gekregen?

  • geboren na 01-01-1975 en voor 01-01-1978: 1x mazelenvaccin
  • geboren na 01-01-1978 en voor 01-01-1983: 1x mazelenvaccin (14 mnd) 1x BMR (9 jaar)
  • geboren na 01-01-1983 en voor 01-01-1986: 2x BMR (inhaalcampagne)
  • geboren na 01-01-1986: 2x BMR, bij 14 mnd en 9 jaar (regulier RVP)
  
 

Wie hebben rodehond- en/of BMR-vaccinaties aangeboden gekregen?

  • geboren na 01-01-1963 en voor 01-01-78: 1x rodehondvaccin voor meisjes
  • geboren na 01-01-1978 en voor 01-01-83: 1x BMR voor iedereen (9 jaar)
  • geboren na 01-01-1983 en voor 01-01-86: 2x BMR (inhaalcampagne)
  • geboren na 01-01-1986: 2x BMR, bij 14 mnd en 9 jaar (regulier RVP)
  

 

Tabel 3d. Historisch overzicht meningokokkenvaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
2002Meningokokken C (MenC)MenCbij 14 mnd, vanaf 01-06-2001, inhaalcampagne vanaf 01-06-1983
2018Meningokokken ACWY (MenACWY)MenACWY

bij 14 mnd, vanaf 01-05-2018

tieners: geboren 01-05-2004 t/m 31-12-2004

Uitbraakmaatregel

2019 en 2020Meningokokken ACWY (MenACWY)MenACWYextra vaccinatiecampagne (uitbraakmaatregel) voor cohorten 01-01-2001 t/m 30-04-2004 en cohort 2005
2020Meningokokken ACWY (MenACWY)MenACWY

peuters bij 14 mnd, vanaf 01-01-2020 en cohort 2019 onderdeel van RVP in het jaar dat tiener 14 wordt

vanaf 01-01-2020 en cohort 2006 onderdeel van RVP

 

Tabel 3e. Historisch overzicht pneumokokkenvaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
2006pneumokokken (Pneu)Pneu 7-valentbij 2, 3, 4 en 11 mnd, vanaf 01-04-2006
2011overgang naar 10-valent vaccinPneu 10-valentvanaf 01-03-2011
20131 dosis minderPneu 10-valentbij 2, 4 en 11 mnd, vanaf 27-11-2013
2020wijziging tijdstip eerste 2 vaccinaties i.v.m. wijziging schema DKTP-Hib-HepBPneu 10-valentbij 3, 5 en 11 mnd, bij start vaccinatie vanaf 01-01-2020
2024vaccinatiemoment van de revaccinatie van 11 naar 12 maandPneu 10-valent

standaardschema: bij 3, 5 en 12 mnd vanaf geboortecohort 2024

aangepast schema: bij 2, 3, 5 en 12 mnd vanaf geboortecohort 2024

2024overgang naar 15-valent vaccinPneu 15-valentvanaf 01-09-24 alleen voor de revaccinatie, vanaf 01-01-25 volledig

 

Tabel 3f. Historisch overzicht HPV Humaan Papillomavirus (Humaan Papillomavirus)-vaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijdfen en cohort
2010humaan papillomavirus (HPV)HPV 2-valent

vaccinatieschema T = 0-1-6 maanden rond leeftijd 13 jaar, vanaf cohort 1997

inhaalcampagne cohorten 1993-1996

20141 dosis minder bij meisjes < 15 jaarHPV 2-valentvaccinatieschema T = 0-6 maanden rond leeftijd 13 jaar, vanaf cohort 2001
2022HPV-vaccinatie voor jongens en meisjesHPV 2-valent

vaccinatieschema T = 0-6 maanden in jaar dat kind 10 jaar wordt vanaf cohort 2012

cohort 2009 krijgt vaccinatie in jaar dat tiener 13 wordt

inhaalcampagne alle 10-18-jarige jongens (cohorten 2004-2011) en ongevaccineerde meisjes uit cohorten 2004, 2006 en 2008

2023HPV-vaccinatie voor jongens en meisjes: 1 dosis minder bij >> 15 jaarHPV 2-valent

vaccinatieschema T = 0-6 maanden is ook voldoende voor 15 jaar en ouder

formeel vanaf 01-01-23 en wordt gedoogd vanaf 31-08-22

2023tijdelijke HPV-vaccinatiecampagne 18+HPV 2-valentinhaalcampagne voor de cohorten 1996 t/m 2003
2024verlenging tijdelijke HPV-vaccinatiecampagne 18+HPV 2-valent

inhaalcampagne voor de cohorten 1996 t/m 2003

tot 01-06-2024

 

Tabel 3g. Historisch overzicht maternale griepvaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
2022griepvaccin van 15 oktober tot 1 maartinfluenzavaccingezonde zwangeren vanaf 22 weken en zwangeren met medische indicatie ongeacht zwangerschapsduur, bij de huisarts, in griepseizoen 2022/2023
2023griepvaccin van 15 oktober tot 1 maartinfluenzavaccin

gezonde zwangeren vanaf 22 weken, bij de JGZ Jeugdgezondheidszorg (Jeugdgezondheidszorg)

zwangeren met medische indicatie ongeacht zwangerschapsduur, bij de huisarts, vanaf griepseizoen 2023/2024

 

Tabel 3h. Historisch overzicht rotavirusvaccinatie
jaarwijziging RVP-schemavaccinwijziging schema, leeftijden en cohort
2024rotavirusvaccinatie (Rota)Rotarix (2 doses)bij 6-9 weken en 3 mnd, vanaf cohort 2024

 

Tabel 3i. Historisch overzicht RSV Respiratoir Syncytieel Virus (Respiratoir Syncytieel Virus)-immunisatie
jaarwijziging RVP-schemamiddelwijziging schema, leeftijden en cohort
2025RSV-immunisatieBeyfortusbaby's in hun eerste levensjaar. Indien geboren tijdens het RSV-seizoen, dan immunisatie binnen 14 dagen na geboorte.

indien geboren buiten het RSV-seizoen, dan immunisatie vlak voor start van het RSV-seizoen.

vanaf cohort 2025 (mits geboren op of na 1 april 2025)

Vanaf 1968 is de registratie van vaccinaties geleidelijk ingevoerd.