Door naar volgend hoofdstuk

1.1 Inleiding

Voor u ligt de professionele RVP-richtlijn Uitvoering Rijksvaccinatieprogramma 2026. Deze RVP-richtlijn wordt jaarlijks uitgebracht. Tussentijdse wijzigingen worden kenbaar gemaakt via RVP Nieuws. Op de website staat steeds de actuele versie.

De professionele richtlijn is geautoriseerd door professionals (jeugdartsen, kinderartsen en jeugdverpleegkundigen), brancheorganisaties en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Deze richtlijn wordt als zodanig genoemd in de Wet publieke gezondheid en de Algemene Maatregel van Bestuur. Daarin staat vermeld dat de professionele richtlijn RVP door de beroepsgroepen en het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) samen wordt vastgesteld. De richtlijn is opgesteld door het RIVM onder leiding van de medisch adviseurs RIVM met aandachtsgebied RVP. Randvoorwaardelijke toetsing vond plaats in het Landelijk RVP-Overleg door ActiZ, GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst (Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst) GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio), IGJ, Lareb en het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). De koepels ActiZ en GGD GHOR Nederland organiseren een inspraakronde onder jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen. De andere afgevaardigden zijn zelf verantwoordelijk voor het regelen van afstemming met hun eigen achterban. Het definitieve concept is vervolgens in het Landelijk RVP-Overleg voorgelegd aan de vertegenwoordigers van de beroepsgroepen voor inhoudelijke instemming. De vast betrokken beroepsverenigingen en organisaties zijn:

  • AJN (Jeugdartsen Nederland)
  • V&VN (Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland)
  • NVDA (Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten)
  • NVK (Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde)
  • Bijwerkingencentrum Lareb
  • KNOV (Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen)

In deze richtlijn staan de kaders voor de uitvoering van het RVP in 2026 en de medische informatie over de uitvoering. Deze medische informatie is tot stand gekomen op basis van rapporten van de Gezondheidsraad, de bijsluiters van de betreffende vaccins, recente publicaties en Vaccines (Plotkin 2018).

De onderwerpen in de addenda zijn van tijdelijke aard of kunnen het beste compact in een document beschreven worden dan over de hoofstukken verdeeld (bijv. asielzoekers, baby's van HepB-dragers en prematuren met verwijzing naar de richtlijn over prematuren met achtergrondinformatie). Momenteel zijn er richtlijnen gerealiseerd over informed consent, vaccinbeheer, infectieziektebestrijding, vaccineren in Caribisch Nederland, deskundigheid uitvoerenden RVP en het vaccineren van prematuren.

Het Rijksvaccinatieprogramma heeft als doel door middel van vaccinatie de bevolking te beschermen tegen een aantal gevaarlijke infectieziekten. Door het vrijwillig, kosteloos en laagdrempelig aanbieden van vaccinaties via een betrouwbare en professionele organisatie wordt een hoge vaccinatiegraad nagestreefd. Voor de meeste infectieziekten wordt groepsimmuniteit bereikt, wat zorgt voor verminderde circulatie van pathogenen. Daarmee wordt ook de niet-gevaccineerde bevolking beschermd en wordt voldaan aan internationale eisen voor uitroeiing van polio (wereldwijd) en de eliminatie van rodehond en mazelen  (uit een populatie) (WHO 2010).

1.2 Belangrijkste inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van versie 2025

  1. In paragraaf 1.3 is opgenomen dat waar in deze richtlijn gesproken wordt over vaccinatie, hiermee ook immunisatie bedoeld kan worden.
  2. Door de gehele richtlijn is het woord 'intervalanamnese' vervangen door 'anamnese', zodat de term algemener wordt en ook een eerste anamnese omvat.
  3. In paragraaf 3.2 is het Gezondheidsraadadvies van oktober 2025 over HPV Humaan Papillomavirus (Humaan Papillomavirus )-vaccinatie opgenomen.
  4. In paragraaf 4.2 is in de anamnese voor de RSV Respiratoir Syncytieel Virus (Respiratoir Syncytieel Virus )-immunisatie een item opgenomen over verhoogde bloedingsneiging of reële kans hierop.
  5. In hoofdstuk 4 is paragraaf 4.5 toegevoegd over de verantwoordelijkheden van de kinderarts bij RVP Rijksvaccinatieprogramma (Rijksvaccinatieprogramma)-vaccinaties.
  6. In hoofdstuk 4 is paragraaf 4.5.1. toegevoegd over de uitwisseling van medische gegevens tussen kindergeneeskunde en de jeugdgezondheidszorg.
  7. In paragraaf 5.2 is aangepast dat allergeen-specifieke subcutane immunotherapie (SCIT) al wordt gegeven aan mensen vanaf 5 jaar.
  8. In paragraaf 5.2 is opgenomen dat sublinguale immunotherapie (SLIT) zonder onderbreking mag worden gebruikt, bij zowel levend verzwakte als geïnactiveerde vaccins. Het risico op een ernstige reactie is na SLIT niet verhoogd.
  9. In paragraaf 5.4 is opgenomen dat IgA-deficiëntie bij een kind geen contra-indicatie is voor toediening van RVP-vaccin, ook niet voor levend verzwakt vaccin.
  10. De informatie uit het addendum Rotavirusvaccinatie is geïntegreerd in deze richtlijn. Hiertoe is in paragraaf 7.3 algemene informatie over deze vaccinatie toegevoegd. Paragraaf 5.3 beschrijft de aanvullende contra-indicaties voor rotavirusvaccinatie.
  11. In paragraaf 7.4 is de tekst verduidelijkt die gaat over het 4 doses poliovaccinatieschema dat nodig is voor de opbouw van basisimmuniteit bij kinderen uit het buitenland.
  12. In paragraaf 9.1 is de aanbevolen naaldlengte van 16 mm opgenomen voor kinderen met een leeftijd van 0 tot 28 dagen.
  13. In paragraaf 10.5 is opgenomen dat met ingang van 01-01-2026 Boostrix (DKT) gebruikt wordt voor de DKT Difterie Kinkhoest en Tetanus (Difterie Kinkhoest en Tetanus )-boostervaccinatie (voor zowel kinderen als zwangeren).
  14. In paragraaf 11.2 zijn mogelijke bijwerkingen van de rotavirusvaccinatie opgenomen.
  15. In paragraaf 11.3 is de tekst over de behandeling van koorts met paracetamol aangescherpt.
  16. In paragraaf 12.10 is informatie opgenomen over het uitnodigingsproces voor de BMR2-inhaalvaccinaties en de DKT-booster. Daarbij is toegevoegd dat er in 2026 binnen de BMR2-inhaalcampagne niet geveegd gaat worden voor andere vaccinaties.
  17. In de tabel met contactgegevens in hoofdstuk 13 zijn het landelijke telefoonnummer en e-mailadres opgenomen voor collegiaal overleg van professionals met de medisch adviseur van hun regio.

1.3 Gehanteerde definities

Waar 'jeugdarts' staat, kan ook verpleegkundig specialist, physician assistant, basisarts, kinderarts of een andere medisch specialist gelezen worden. Van belang is of iemand zelfstandig bevoegd en bekwaam is om de taken uit te voeren.

Waar in deze richtlijn gesproken wordt over 'vaccinatie', kan ook 'immunisatie' worden bedoeld. Bij vaccinatie wordt het lichaam aangezet tot het maken van antistoffen. Bij passieve immunisatie worden kant-en-klare antistoffen toegediend. Binnen het RVP Rijksvaccinatieprogramma (Rijksvaccinatieprogramma) wordt in de meeste gevallen gebruikgemaakt van vaccinatie. De RSV Respiratoir Syncytieel Virus (Respiratoir Syncytieel Virus )-immunisatie wijkt hiervan af en is een vorm van passieve immunisatie.

1.4 Versiebeheer

  • 31 december 2025: publicatie Uitvoering 2026
  • 5 december 2025: schriftelijk vastgesteld door de leden van het LRO