Door naar volgend hoofdstuk

1.1 Inleiding

Voor u ligt de professionele RVPRijksvaccinatieprogramma-richtlijn Uitvoering Rijksvaccinatieprogramma (RVP) die geldt voor het jaar 2019. De informatie is tot stand gekomen op basis van rapporten van de Gezondheidsraad, de bijsluiters van de betreffende vaccins en algemene informatie over vaccinatieschema’s in de boeken Handboek Vaccinaties A en B (Burgmeijer) en Vaccines (Plotkin). Deze RVP-richtlijn wordt jaarlijks uitgebracht. Tussentijdse wijzigingen zullen via RVP-nieuws kenbaar gemaakt worden. Op de website staat steeds de actuele versie.

De professionele richtlijn is geautoriseerd door de professionals (jeugdartsen, kinderartsen en jeugdverpleegkundigen), brancheorganisaties en het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Deze richtlijn wordt als zodanig genoemd in de Wet publieke gezondheid en de Algemene Maatregel van Bestuur. Daarin staat vermeld dat de Professionele Richtlijn RVP door de beroepsgroepen en het RIVM samen wordt vastgesteld.

Deze versie 2019 van de richtlijn is opgesteld door het RIVM, onder leiding van de medisch adviseurs RIVM met aandachtsgebied RVP. Randvoorwaardelijke toetsing vond plaats in het Landelijk RVP Overleg door Actiz, GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst GHORGeneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio Nederland, VNGVereniging van Nederlandse Gemeenten, IGJ en het ministerie van VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. In 2017 organiseerde de NCJ een inspraakronde onder professionals (jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, kinderartsen) voor de eerste versie van deze richtlijn. Omdat versie 2019 inhoudelijk alleen op kleine punten gewijzigd is ten opzichte van de versie 2018, is in overleg met de leden van het Landelijk RVP-Overleg besloten dit jaar de inspraakronde onder professionals specifiek te organiseren voor nieuwe onderdelen waarbij inspraak belangrijk is. Dit heeft plaats gevonden voor de onderwerpen ‘pijnbestrijding’ en ‘standaard links/rechts vaccineren bij toediening van twee vaccinaties tegelijk’. Het definitieve concept is in het Landelijk RVP-Overleg voorgelegd aan de vertegenwoordigers van de beroepsgroepen voor inhoudelijke instemming. De vast betrokken beroepsverenigingen en organisaties zijn:

  • AJN (Jeugdartsen Nederland);
  • V&VN (Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland);
  • NVDA (Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten);
  • NVK (Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde).

In deze Richtlijn Uitvoering RVP staan de kaders voor de uitvoering van het RVP in 2019 en de medische informatie over de uitvoering. De onderwerpen in het addendum lenen zich in meeste gevallen voor aparte RVP-richtlijnen of zijn van tijdelijke aard. Momenteel zijn er richtlijnen gerealiseerd over informed consent, vaccinbeheer. en RVP en infectieziektebestrijding. In ontwikkeling zijn de richtlijnen over vaccineren in Caribisch Nederland, vaccineren van prematuren en deskundigheid uitvoerenden RVP.

De RVP-richtlijnen zijn te vinden op Rijksvaccinatieprogramma.nl. De LCILandelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding (onderdeel RIVM)-richtlijnen op LCI.rivm.nl. 

Het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) heeft als doel door middel van vaccinatie de bevolking te beschermen tegen een aantal gevaarlijke infectieziekten. Door het vrijwillig, kosteloos en laagdrempelig aanbieden van vaccinaties via een betrouwbare en professionele organisatie wordt een hoge vaccinatiegraad nagestreefd. Voor de meeste infectieziekten wordt groepsimmuniteit bereikt, wat zorgt voor verminderde circulatie van pathogenen. Daarmee wordt ook de niet-gevaccineerde bevolking beschermd en wordt voldaan aan internationale eisen voor uitroeiing van polio en eliminatie van rodehond en mazelen (WHO 2010).

1.2 Belangrijkste inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van de Richtlijn Uitvoering RVP 2018

  1. In Paragraaf 5.2 is de leidraad ten aanzien van vaccinaties bij kinderen van moeders die Infliximab gebruikt hebben tijdens de zwangerschap vervangen door algemene adviezen ten aan zien van vaccinaties bij kinderen van moeders die biologicals gebruikt hebben tijdens de zwangerschap.
  2. In paragraaf 5.3 is een link naar de Richtlijn Hartafwijkingen van de NCJ opgenomen. Kinderen met hartafwijkingen hebben geen andere contra-indicaties dan gezonde kinderen. Soms bestaat er een relatieve contra-indicatie of zijn er aanvullende maatregelen nodig.
  3. In paragraaf 8.1 over handhygiëne bij vaccineren wordt nu ook verwezen naar de nieuwe LCHV-richtlijn voor de JGZJeugdgezondheidszorg, die in 2018 is uitgebracht.
  4. Op het LRO is unaniem door alle vertegenwoordigers besloten dat voor de vaccinatiemomenten in het RVPRijksvaccinatieprogramma waarbij twee vaccinaties tegelijk worden toegediend, landelijk wordt afgesproken welk vaccin links en welk vaccin rechts wordt toegediend. De volgende standaard is vastgesteld en opgenomen in hoofdstuk 8 over vaccinatietechniek:  Links: DKTPDifterie, kinkhoest, tetanus, polio-Hib-HepB (ezelsbrug: Hib links) of MenACWY-peutervaccinatie Rechts: Pneu en BMRBof, mazelen, rodehond (ezelsbrug: BMR Rechts). Op deze manier kan eenvoudiger bepaald worden welke vaccinatie een bijwerking veroorzaakt heeft. Afwijken van de landelijke standaard is altijd mogelijk, maar moet goed gedocumenteerd worden in het DD JGZ. Welk ledemaat (arm of been) gebruikt wordt, wordt per organisatie bepaald en vastgelegd. Voor toediening van één vaccin, zoals de DKTP rond 4-jaar, HPV en MenACWY tienervaccinatie is geen landelijke afspraak gemaakt. Dit wordt ook per organisatie bepaald en vastgelegd.
  5. In paragraaf 8.3 zijn de maatregelen die genomen kunnen worden om pijn bij vaccinatie te verminderen uitgebreid. Deze tekst is tot stand gekomen op basis van de achterbanraadpleging door de NCJ.
  6. In paragraaf 9.7 zijn voor het accepteren van buitenlandse schema’s m.b.t. hepatitis B de meest recente richtlijnen van de WHO overgenomen. Dat heeft tot gevolg dat een buitenlands hepatitis B-schema vaker goedgekeurd kan worden dan voorheen.
  7. In addendum 18 is opgenomen dat bij een bezwaar van ouders duidelijk nagevraagd moet worden of het bezwaar alleen de vaccinaties betreft die op dat moment toegediend zouden worden of dat dit bezwaar het hele RVP betreft.
  8. In 2019 vindt een extra vaccinatiecampagne plaats om tieners te vaccineren tegen meningokokkenziekte W. De jaarcohorten 2001 t/m 2005 komen hiervoor in aanmerking. Een gedeelte van het cohort 2004 heeft in het najaar 2018 al een eerste uitnodiging ontvangen. In addendum 19 staan de regels voor deze vaccinatie beschreven. De vaccinatie is geen onderdeel van het RVP, maar een maatregel om een ernstige uitbraak te voorkomen.
  9. Vanaf 1 januari 2019 wordt het vaccin Infanrix® hexa gefaseerd vervangen door het vaccin Vaxelis®. Op die manier ontvangen de kinderen hun hele DKTP-Hib-HepB serie met hetzelfde vaccin. Dat betekent dat er heel 2019 met twee verschillende merken DKTP-Hib-HepB-vaccin gevaccineerd wordt. Zie addendum 20.