Vragen & antwoorden 22 wekenprik

De 22 wekenprik is de nieuwe naam voor de kinkhoestvaccinatie voor zwangere vrouwen. Deze vaccinatie kan je halen vanaf de 22e week in je zwangerschap. Het beschermt je baby direct na de geboorte tegen kinkhoest. De verloskundige of gynaecoloog geeft je hier informatie over.

De 22 wekenprik zit in het Rijksvaccinatieprogramma en krijg je gratis aangeboden. Vanaf 16 december 2019 kan je deze vaccinatie op het consultatiebureau halen. Je moet hiervoor zelf een afspraak maken.

Je krijgt informatie van je verloskundige of gynaecoloog.  Zij verwijzen je naar de jeugdgezondheidszorg (JGZJeugdgezondheidszorg). Daar kan je vanaf 16 december terecht voor het halen van de 22 wekenprik.

Tussen je 14e en 22e week in je zwangerschap krijg je informatie over de 22 wekenprik van je verloskundige of gynaecoloog.

Je maakt een afspraak bij het consultatiebureau in de buurt. Adressen en telefoonnummers kun je HIER vinden. Neem tijdens de afspraak altijd je ID mee voor BSNBurger Service Nummer-verificatie en voor asielzoekersvrouwen het vreemdelingennummer (V-nummer). Tijdens deze afspraak krijg je informatie over de kinkhoestvaccinatie voor jezelf en het Rijksvaccinatieprogramma voor je kind. Je kunt meteen gevaccineerd worden door de jeugdverpleegkundige of de -arts.

Je kunt de vaccinatie halen vanaf de 22e week in tot aan het einde van je zwangerschap. Maar wel geldt: hoe eerder, hoe beter. Want door vroeg te vaccineren, is er voldoende tijd om antistoffen aan je baby over te dragen. Die antistoffen beschermen je kind tegen kinkhoest.

Ja, dat heeft zeker nog zin. Ook bij een vaccinatie kort voor de bevalling kan het kind nog antistoffen van de moeder krijgen. Bovendien is de moeder de grootste bron van infectie voor haar kind. Door de 22 wekenprik ben je als moeder zelf ook beschermd tegen kinkhoest en kan je je kind niet meer besmetten.

Wat is kinkhoest?

Kinkhoest is een infectie van de luchtwegen die meestal begint met verkoudheidsverschijnselen. Dit duurt ongeveer 2 weken. Dan volgt een periode van hoesten, meestal in aanvallen. De hoestaanvallen zijn zeer heftig en duren 3-4 maanden.  Daarom heet kinkhoest ook wel de 100 dagenhoest. Kinkhoest is vooral gevaarlijk voor baby’s. Door de hoestbuien kan de baby moeilijk inademen en door de benauwdheid moet de baby vaak overgeven. Het kind raakt hierdoor uitgeput en kan uitdrogen. Bekende complicaties zijn longontsteking, stuipen, hersenschade en soms zelfs overlijden.

Kan je wat aan kinkhoest doen?

In de eerste weken kan je kinkhoest behandelen met antibiotica. Dat maakt de besmettelijke periode korter, maar kan de complicaties vaak niet voorkomen. Bij baby’s is beginnende kinkhoest vaak moeilijk vast te stellen door de arts. Het lijkt erg op een gewone verkoudheid. Een behandeling  met antibiotica heeft dan meestal geen zin meer.

Hoe vaak komt kinkhoest voor in Nederland?

Kinkhoest komt vanaf het begin van deze eeuw weer regelmatig voor in Nederland. Ongeveer 9% van de Nederlanders van 10 jaar en ouder krijgt ieder jaar kinkhoest, soms zonder het te merken. Elk jaar komen er ongeveer 170 kinderen onder de 2 jaar in het ziekenhuis en overlijdt 1 baby aan kinkhoest.

Kan ik mijn baby gewoon borstvoeding geven nadat ik de 22 wekenprik tijdens de zwangerschap heb gehad?

Ja, je kan je baby gewoon borstvoeding geven nadat je de 22 wekenprik tijdens de zwangerschap hebt gehad. Het is zelfs zo dat je baby nog wat extra bescherming tegen kinkhoest krijgt. Dat komt omdat in de moedermelk antistoffen zitten die worden doorgegeven aan de baby.

Ik geef mijn kind straks borstvoeding. Is het dan nog nodig om de 22 wekenprik te halen?

Ja. Ook als je straks borstvoeding geeft, is een vaccinatie nodig om je kind goed te beschermen. In borstvoeding zitten wel antistoffen, maar die zijn niet voldoende om je baby goed te beschermen tegen kinkhoest.

Welk vaccin wordt gebruikt?

Het vaccin voor de 22 wekenprik is Boostrix© van GSK (GlaxoSmithKline B.V). Dit is een DKT-vaccin: een combinatie van difterie, kinkhoest, tetanus.

Het DKT-vaccin is een geïnactiveerd vaccin, ook wel ‘dood’ vaccin genoemd. Het vaccin werkt ook tegen difterie en tetanus. Er bestaat helaas geen los kinkhoestvaccin.

Waaruit bestaat een kinkhoestvaccin?

Een kinkhoestvaccin heeft drie soorten bestanddelen:

  1. Antigenen: dit zijn onschadelijk gemaakte delen van de kinkhoestbacterie waartegen bescherming (immuniteit) wordt opgewekt.
  2. Hulpstoffen (bijv. adjuvantia): dit zijn stoffen die aan het vaccin worden toegevoegd. Ze zorgen ervoor dat het vaccin beter werkt, langer houdbaar is, stabiel blijft en gemakkelijk is toe te dienen. Het zijn stoffen die goed zijn onderzocht en waar al jarenlang ervaring mee is.
  3. Reststoffen: dit zijn de resten van stoffen uit het productieproces van het vaccin. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat er ongewenste bacteriën groeien tijdens het maken van het vaccin. Deze reststoffen worden zoveel mogelijk verwijderd voordat het vaccin in gebruikt wordt. Er kunnen nog wel hele kleine beetjes achterblijven. Het gaat dan om hoeveelheden die geen schade kunnen veroorzaken.

In de bijsluiter van Boostrix staat hoe de 22 wekenprik is samengesteld. Meer informatie over de verschillende bestanddelen van vaccins is te vinden op de pagina ‘Wat zit er in vaccins?’.

Kan ik ook alleen een losse kinkhoestvaccinatie krijgen?

Nee, er bestaat helaas geen los kinkhoestvaccin. Dat wordt door de fabrikanten niet gemaakt.

Op welke manieren beschermt de 22 wekenprik tegen kinkhoest?

De kinkhoestvaccinatie voor zwangere vrouwen beschermt het kind op 2 manieren:

  1. Door de vaccinatie tijdens de zwangerschap draag je antistoffen tegen kinkhoest via de navelstreng naar je kind. Hierdoor heeft je kind voldoende antistoffen tegen kinkhoest direct na de geboorte. Die zorgen voor bescherming in de eerste levensmaanden. Na geboorte verdwijnen de antistoffen van de moeder langzaam. Na ongeveer een half jaar zijn ze verdwenen. Dan heeft het kind de bescherming van zijn eigen vaccinaties.
  2. De kinkhoestvaccinatie zorgt voor bescherming van de zwangere vrouw. Zo kan zij de ziekte niet krijgen en ook niet overdragen aan haar kind na de geboorte.

Kan ik of mijn kind toch nog kinkhoest krijgen na de 22 wekenprik?

Soms werkt de vaccinatie tijdens de zwangerschap niet goed genoeg. Dat kan komen doordat je bepaalde medicijnen slikt. Of omdat de baby te vroeg is geboren. Ook als de vaccinatie vlak voor de bevalling is gegeven kan het zijn dat het niet voldoende werkt. Dit betekent dat een kind van een gevaccineerde moeder soms toch kinkhoest krijgt. Als dat zo is, dan verloopt de ziekte vaak wel minder ernstig.

Verandert het vaccinatieschema voor mijn kind als ik de 22 wekenprik heb gehad?

Ja. In de meeste gevallen krijgt je baby één prik minder en start één maand later. Je baby krijgt het eerste jaar dan een prik bij 3, 5 en 11 maanden.

Let op: Niet alle kinderen krijgen één prik minder. Sommige kinderen krijgen ook nog een prik bij 2 maanden. Dat is nodig in de volgende situaties:

  • Het kind is geboren bij een zwangerschapsduur van minder dan 37 weken.
  • De tijd tussen de vaccinatie en geboorte is minder dan 2 weken.
  • De moeder is draagster van het hepatitis B-virus.
  • Het afweersysteem van de moeder werkt minder goed door ziekte of medicatie.
  • Het kind heeft een hoog risico op een ernstig verloop van kinkhoest. Bijvoorbeeld een afweerstoornis of een aangeboren longafwijking.
  • Het kind heeft een wisseltransfusie gehad.

Welk vaccinatieschema krijgt mijn kind als ik GEEN 22 wekenprik heb gehad?

Het standaard vaccinatieschema is veranderd in een 3-5-11-maandenschema. Maar als je geen 22 wekenprik hebt gehad, is je baby  nog niet beschermd tegen kinkhoest. Dan krijgt hij of zij een extra vaccinatie met 2 maanden. Het schema wordt dan 2-3-5-11 maanden. Het heeft geen zin om je baby eerder te vaccineren dan bij 2 maanden, want dan werkt de vaccinatie nog niet goed. 

Als de eerste vaccinatie een maand later wordt gegeven, is mijn kind dan nog wel beschermd tegen de andere ziekte zoals difterie, tetanus, polio, pneumokokken en Hib-ziekten?

Ja, want de vaccinatie op de leeftijd van 2 maanden is vooral belangrijk voor bescherming tegen kinkhoest. Door de 22 wekenprik is het kind ook goed beschermd tegen difterie en tetanus. De andere ziekten komen weinig voor. Ook is er in Nederland een grote groepsbescherming omdat de meeste kinderen goed gevaccineerd zijn. De Gezondheidsraad heeft de wijziging van het vaccinatieschema goed uitgezocht. Kinderen van moeders met chronische hepatitis B krijgen de eerste vaccinatie wel bij 2 maanden, omdat die vlak na de geboorte een groter risico hebben op die ziekte.

Wie adviseert mij over de vaccinaties voor mijn baby?

Tijdens het eerste bezoek aan het consultatiebureau na de geboorte van je baby bespreekt de jeugdarts met je welke vaccinaties je kind krijgt. De jeugdarts vraagt naar de 22 wekenprik of  je medicijnen hebt gebruikt tijdens de zwangerschap en of er andere factoren zijn die belangrijk zijn. Daarna bepaalt de jeugdarts welk vaccinatieschema het beste is voor je kind.

Kan je als ouder zelf bepalen welk vaccinatieschema je kind gaat volgen?

De jeugdarts adviseert welk schema de beste bescherming geeft aan het kind. Het is dan niet nodig om eerder te starten of om een extra vaccinatie te geven. Het is ook niet mogelijk. Kinderen krijgen geen onnodige vaccinaties.

Ik ben als kind gevaccineerd tegen kinkhoest. Is de 22 wekenprik nu toch nog nodig of zinvol?

Ja. Een vaccinatie tegen kinkhoest werkt namelijk niet levenslang. Ook als je kinkhoest hebt gehad, ben je niet levenslang beschermd. Je hebt wel antistoffen voor jezelf opgebouwd, maar deze zijn niet voldoende om ook je baby te beschermen. Daarom is het belangrijk om tijdens de zwangerschap opnieuw een vaccinatie te krijgen tegen kinkhoest.

Ik heb net kinkhoest gehad. Moet ik dan alsnog gevaccineerd worden?

Je hoeft geen 22 wekenprik als als je kinkhoest hebt gehad vanaf 13 weken in je zwangerschap. Je hebt dan voldoende bescherming opgebouwd. De kinkhoest moet wel zijn vastgesteld door laboratoriumonderzoek.

Ik ben laatst nog gevaccineerd voor kinkhoest in verband met een reizigersvaccinatie. Heb ik dan nog een vaccinatie nodig?

Als je de kinkhoestvaccinatie vanaf 13 weken in je zwangerschap hebt gehad is een tweede vaccinatie tijdens deze zwangerschap niet meer nodig. Meestal wordt er voor een reis een DTPDifterie, Tetanus en Poliomyelitis-vaccinatie gegeven. Die werkt niet tegen kinkhoest. Alleen als een DKT-vaccin (difterie, kinkhoest, tetanus) of DKTPDifterie, kinkhoest, tetanus, polio-vaccin (difterie, kinkhoest, tetanus, polio) is gegeven, dan is een vaccinatie niet meer nodig.

Ik wil zwanger worden. Kan ik de vaccinatie dan nu alvast halen?

Nee, de 22 wekenprik beschermt de baby alleen als deze vanaf 22 weken in je zwangerschap  gegeven is.

Ik ben zwanger van een meerling. Krijg ik dan meerdere vaccinaties of een hogere dosis?

Nee, bij een meerlingzwangerschap is één vaccinatie voldoende om beide baby’s te beschermen. Ook is er geen hogere dosis nodig.

Moet ik tijdens een volgende zwangerschap opnieuw tegen kinkhoest gevaccineerd worden?

Ja, de 22 wekenprik beschermt je kind alleen als deze vanaf 22 weken in de zwangerschap gegeven is.

Zijn er ook redenen om de vaccinatie niet te nemen?

Alleen bij allergie voor het vaccin mag de vaccinatie niet worden gegeven. Dat is zeer zeldzaam. Overleg met de arts of de verpleegkundige op het consultatiebureau als je denkt dat je mogelijk allergisch bent voor de vaccinatie.

  • Als je vanaf 13 weken in je zwangerschap kinkhoest hebt gehad, dan is vaccinatie niet nodig. De kinkhoest moet dan wel vastgesteld zijn door laboratoriumonderzoek.
  • Bij ziekte met koorts kan je de vaccinatie beter uitstellen tot na herstel van de ziekte.
  • Als je bloedverdunners gebruikt of om andere redenen een gestoorde bloedstolling hebt, wordt de vaccinatie vaak in het onderhuids vetweefsel gegeven in plaats van in de spier.
  • Als je de vaccinatie niet wilt, moet je het niet doen. Het is niet verplicht.

Is de vaccinatie veilig voor mij en mijn (ongeboren) kind?

Het vaccin is veilig voor moeder en kind. Daar is veel onderzoek naar gedaan. In andere landen krijgen vrouwen deze vaccinatie al langer, onder andere in Engeland, België, Spanje en de Verenigde Staten.

Uit onderzoek blijkt dat er geen verhoogde risico’s zijn voor het kind. Het gaat dan om vroeggeboorte, laag geboortegewicht, aangeboren afwijkingen, verminderde groei of vertraagde ontwikkeling, lage apgarscore, ziekenhuisopname of overlijden.

Ook heeft onderzoek uitgewezen dat er geen verhoogde risico’s zijn voor de moeder. Het gaat dan om  een miskraam, zwangerschapsvergiftiging, kunstverlossing, inleiden van de bevalling, loslaten van de placenta, overmatig bloedverlies of overlijden.

Welke bijwerkingen kan ik krijgen?

Na de vaccinatie kan je een reactie krijgen. Het gaat dan meestal om roodheid, zwelling en pijn op de prikplek. Soms krijg je verhoging, koorts, ’je niet lekker voelen’, spierpijn of hoofdpijn. Bij het vaccineren van zwangere vrouwen worden niet meer of andere bijwerkingen gezien dan bij vaccinatie van vrouwen, die niet zwanger zijn. Bijwerkingen bij volwassenen zijn minder ernstig dan bij kinderen.    

Wordt de vaccinatie geregistreerd bij het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu?

Ja, de vaccinatie wordt op dezelfde manier geregistreerd zoals bij de kinderen gebeurt.