4.1 Het opstellen van een individueel vaccinatieplan

4.1 Het opstellen van een individueel vaccinatieplan

De kaders van het RVPRijksvaccinatieprogramma zijn het uitgangspunt voor het opstellen van een individueel vaccinatieplan. Ieder kind krijgt een eigen vaccinatieplan. Het opstellen van individuele vaccinatieplannen is een taak van de jeugdarts (of de verpleegkundig specialist) die betrokken is bij de uitvoe­ring van het RVP. Hij/zij maakt in overleg met de ouders en/of het kind zelf het vaccinatieplan, rekening houdend met (tijdelijke) contra-indicaties en eventuele al eerder gegeven vaccinaties. Voor een pasgeboren zuigeling is het standaard vaccinatieschema van het RVP van toepassing, zie paragraaf 2.2 tabel 3. Voor oudere kinderen geldt een inhaalschema, zie de beslisboom in paragraaf 9.12. De medisch adviseurs van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu ondersteunen jeugdartsen en verpleegkundig specialisten bij het vaststel­len op welke vaccinaties kinderen recht hebben. Zo nodig vindt overleg plaats met een medisch adviseur van het RIVM (zie contactgegevens). Het toedienen van RVP-vaccinaties buiten de kaders van de Richtlijn Uitvoering RVP 2017 is alleen toegestaan na overleg met een medisch adviseur van het RIVM.

De RIVM-DVP-regiokantoren bieden de volgende ondersteuning:

  • Ouders van 4-6 weken oude baby’s ontvangen van het RIVM-DVP-regiokantoor een uitnodigingsbrief voor het RVP, een brochure, een vaccinatiebewijs en een set vaccinatiekaarten.
  • Voor kinderen van vestigers worden eerst de vaccinatiegegevens opgevraagd door het RIVM-DVP-regiokantoor. Voor het samenstellen van een individueel vaccinatieplan worden vestigers verzocht om een kopie van het vaccinatiebewijs van hun kind op te sturen naar het RIVM-DVP-regiokantoor. Op basis van die informatie wordt het RVP-vaccinatiebewijs ingevuld. Vestigers ontvangen hierna de vaccinatiekaarten voor het vervolg van het vaccinatieschema. Als vestigers niet reageren op het verzoek om toezending van een kopie vaccinatiebewijs van hun kind, ontvangen ze een volledige uitnodigingsset die past bij de leeftijd van hun kind. Als de jeugdarts of jeugdverpleegkundige alsnog informatie krijgt over vaccinaties die in het buitenland zijn gegeven, dient dit doorgegeven te worden aan het RIVM-DVP-regiokantoor. De vaccinatiestatus kan dan in het RIVM-informatiesysteem Praeventis worden aangevuld. Als de vaccinatiekaarten niet aanwezig zijn tijdens het consult, bepaalt de jeugdarts of verpleegkundig specialist, op basis van de beschikbare informatie, welke vaccinatie tijdens het contactmoment kan worden toegediend. Het RIVM-DVP-regiokantoor verstrekt desgewenst de vaccinatiestatus aan de Jeugdgezondheidszorgorganisatie, telefonisch of digitaal via een koppeling met Praeventis. Voor overleg met de medisch adviseur de contactgegevens.
4.2 Uitbraken en epidemieën

4.2 Uitbraken en epidemieën

Bij een lokale uitbraak van een infectieziekte bepaalt de GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst welke maatregelen genomen worden om de uitbraak te bestrijden. Dit kan onder meer een gericht aanbod zijn van extra vaccinaties, vervroegde vaccinaties of inhaalvaccinaties aan contacten van de patiënt(en), bijvoorbeeld aan gezinscontacten, klasgenoten of schoolgenoten. De afdeling Infectieziektebestrijding van de GGD stemt dit af met de lokale JGZJeugdgezondheidszorg-organisatie en een medisch adviseur van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu als het om een ziekte gaat waartegen binnen het RVPRijksvaccinatieprogramma wordt gevaccineerd. Tijdens uitbraken van infectieziekten kunnen RVP-vaccinaties eerder gegeven worden. De eerste Infanrix-Hexa-vaccinatie kan bijvoorbeeld worden vervroegd naar de minimale leeftijd van 4 weken. Een (extra)vervroegde BMRBof, mazelen, rodehond-vaccinatie kan worden gegeven vanaf de leeftijd van 6 maanden. Als er sprake is van een grootschalige uitbraak of epidemie roept de LCI van het RIVM een Outbreak Management Team (OMT) bijeen. Het OMT adviseert zo nodig aan de minister van VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om op grote schaal kinderen, volwassenen of bepaalde risicogroepen op te laten roepen voor extra of vervroegde vaccinatie.